VlotMaar eerst liet ik van het zwevende vlot een dinosauriër en een Neanderthaler uitstappen. Daarna vertrok ik. Ik bestuurde het vlot aanvankelijk vanachter een computerscherm, maar even later zat ik er zelf op.
Het vlot bleek een trein met verschillende wagons. Elke treincoupé was ingericht door de reiziger van die coupé. Er was één chaotische coupé, en in een andere had de reiziger een miniatuur treinbaan aangelegd, over en onder alle meubels door.
Ik onderhield het contact met de machinist. Daartoe had ik een vliegende paraplu, waarmee ik boven het zwevende vlot kon vliegen, maar soms rende ik ook door de gangen en coupés van de trein.
Toen we bijna bij het eindpunt waren, werd me gevraagd om iets aan de machinist mee te delen. De telefoon was defect (voor Europa, de Verenigde Staten en de rest van de wereld) en dus rende ik door de gangen naar de voorkant van de trein. Ondertussen werden de coupés alvast weer afgebroken. De inhoud van de chaotische coupé lag verspreid over de gangen, de miniatuur treinbaan werd afgebroken, en ik bereikte de machinist niet op tijd.
De gehele inventaris was uitgestald om bij opbod te worden verkocht. Ik probeerde door de galerie naar de andere kant te lopen. Toen ik zei dat ik de machinist wilde spreken, werd me gezegd: "Oh, maar dat hoeft niet meer. Die heeft ondertussen allang met de minister gesproken, hoor."
Utrecht, vrijdag 20 februari 2009